
Floreios in capoeira zijn de acrobatische bewegingen die zo kenmerkend zijn voor capoeira. Gaande van aú sem mão (radslag zonder handen) tot salto’s. Er staat nauwelijks een grens op wat allemaal toegelaten is. De enige grens lijkt wel je eigen lichaam te zijn.
En toch…
Er is een belangrijke regel die je moet onthouden in verband met floreios. Floreios zijn de spreekwoordelijke kers op de capoeirataart: ze maken de taart af – op voorwaarde dat er een mooie taart als basis is.
Wat wil ik hiermee zeggen? Veel mensen zien op straatdemo’s en nog vaker op het internet allemaal video’s van capoeiras die straffe toeren uithalen. Hierdoor ontstaat bij sommigen het beeld dat die floreios het belangrijkste zijn in capoeira. Ze trainen op alle mogelijk trucjes, maar vergeten intussen wel hun basis: namelijk de capoeira zelf.
Ik ken zo verschillende mensen, ja ook in Mundo Capoeira, wiens floreioskunsten veel beter zijn dan hun capoeirabasis. Sta me toe even een video te tonen die dit even in het extreme doortrekt. Een scene uit een gevechtsfilm ‘Never back down’.
Ok, ik geef het toe, deze video is wat overdreven en de capoeiristen waarover ik het net had kunnen echt wel beter capoeira dan dat (en vooral ook hun floreios zijn beter).
Maar het sluit perfect aan bij het fundament waar ik je op wil wijzen: in capoeira is het gevechtsaspect belangrijker dan de floreios. Maar er zijn drie belangrijke uitzonderingen: solo’s, straatroda’s en bewuste floreiosspelletjes. Wat de solo’s betreft is het wel duidelijk, de twee andere geef ik meteen wat meer uitleg.
Bij straatroda’s is het meestal de bedoeling om reclame te maken voor je groep en nieuwe leden te trekken. Iedereen doet dan erg zijn best om zo mooi mogelijk te spelen, harde aanvallen zien hierbij minder gepast waardoor er meer ruimte komt voor floreios.
Bewuste floreiosspelletjes zijn bijvoorbeeld een floreiosroda na een floreiosles of wanneer de mestre (of de hoogste corda aanwezig) op een bepaald moment in een roda zegt dat er moet gefloreiost worden. Is het géén specifiek floreiosspelletje, dan zijn floreios niet verboden, maar ze mogen in geen geval de flow van het spel onderbreken. Een martelo cruzado of een raiz kunnen dus perfect in een Regionalspelletje, maar in datzelfde Regionalspel even laten zien hoe lang je op je handen kan blijven staan, kan niet. Daardoor valt het spel stil en is de flow gebroken.
Tenslotte is het ook belangrijk om te weten welke floreios je op welk moment kan doen. Ik leg het even uit aan de hand van Iúne, de toque voor graduados. Bij deze toque worden zij geacht hun kunnen te tonen en daarbij horen ook floreios. Nu kan die toque snel, traag of daar tussenin gespeeld worden. Bij een trage variant doe je floreios laag bij de grond, bij de snelle rechtopstaand. En bij ertussenin… er tussen in hé
Trek dit door naar de andere toques en je komt er wel. Onthoud wel ook nog even dat floreios bij Angola enkel gepast zijn bij de snellere versie van Angola (vooral dan bij São Bento Grande da Capoeira de Angola).
Xixarro

filmpke werkt ni ‘No longer available’
hier de link naar youtube zelf
Potverdekke, ik moet toch eens leren kijken naar die ‘embedding disabled’
tnx
interessante post alhoewel ik het meeste van die dingen eigenlijk al wist.
Xix is weer meester van de Nederlandse taal
“gefloreiost” wat een prachtig woord
heb je eigenlijk de volledige vervoeging van dat werkwoord floreiossen…
Goed dat je dat al wist
Ik denk trouwens dat ik wat hierboven staat ook al wel eens in een kortere versie heb laten vallen in een ander artikel. Maar ik weet zelf niet meer waar.
De term floreio is afgeleid van flor, wat bloem betekend.
Een bloem in de zin van schoonheid en aantrekkingskracht.
Oorspronkelijk werden floreios gedaan in wat wij nu Capoeira Angola noemen, niet enkel om het kunnen van de speler te tonen, maar ook om de ander te lokken om aan te vallen terwijl iemand ogenschijnlijk zich kwetsbaar opstelde tijdens het doen van “acrobatie”.
Een bekend actueel voorbeeld hiervan is de bananeira van Mestre Cobra Mansa. Hij heeft er genoeg beheersing in om wie dan ook die een cabeçada probeert, met zijn benen te schoppen. Zijn techniek is zelf zo uitgewerkt dat hij de afstand berekent tussen hem en de andere speler, rekening houdend dat hij 1 stap extra kan doen. Veel mensen houden geen rekening met deze stap die net wat extra afstand overbrugt. Zo heb ik hem meerdere malen zijn bananeira zien transformeren in een coice de mula en daarmee mensen in het gezicht markerend die aan het overwegen waren of ze de bananeira zouden aanvallen en dachten dat ze op een veilige afstand stonden.
Dit aspect van het “lokken” van de ander. met acrobatie, zie je helaas weinig terug bij regional afgeleide groepen.
Een ander voorbeeld is het onderuit halen van iemand en vervolgens ogenschijnlijk je spel opengooien door floreios te gaan doen. De ander zal meestal eerst zijn spel nog meer sluiten als hij of zij niet gelijk terug aanvalt. Zo wordt het nogmaals pakken van de persoon moeilijk. Met behulp van floreiros als strategie is dit makkelijker mogelijk. Als de ander niet doorheeft dat je de afstand en snelheid van de ander heel goed in de gaten hebt tijdens het uitvoeren van je floreios, zal diegene geneigd zijn om zijn spel weer open te gooien, zodat je weer nieuwe betere kansen krijgt om de ander nogmaals te pakken. (het is een onbewust principe waarbij bij personen soms het gevoel wordt opgewekt dat ze niet “achter kunnen blijven” qua scala bewegingen. ) Dit zijn principes die capoeiristas opmerken met de tijd.
Omdat mensen kwetsbaar zijn tijdens floreios is het altijd handig om twee transformaties van de floreio iig te trainen.
1 voor als er een aanval tegenin komt en 1 voor een aanval mee, zodat je je continuiteit behoud. Statische bewegingen zijn niet aan te raden op São Bento Grande.
Het is misschien ook wel leuk om te realiseren dat het grote scala aan acrobatie in capoeira is begonnen te groeien in de jaren 50 en 60. In Bahia werden in de jaren 60 dagelijks shows gegeven voor toeristen. Deze toeristen konden vaak geen geduld op brengen voor langdurig Capoeira Angola spel ook omdat ze soms niet het inzicht hadden om er langdurig van te kunnen genieten. Er onstonden in die tijd ook de eerste grote folclore shows, gericht op enerzijds de folclore en anderzijds spectakel. Voor mij is er dus een verschil tussen acrobatie en floreio in die zin dat floreio meer een echte functie van lokken in het spel heeft en acrobatie meer als uitdaging of als ontwijkbeweging wordt gebruikt. (Puur eigen visie en mensen die alleen acrobatie doen om te showen laat ik buiten beschouwing)
Er zijn ook overgangen: Als iemand een rasteira ontwijkt dmv een aú (acrobatie) en de ander wil daar een cabeçada op geven en de ander die de aú doet, trapt terwijl hij naar queda de rins gaat, dan zou je kunnen zeggen dat hij weer een typisch voorbeeld van een floreio doet.
Groepen verschillen nogal in het woordgebruik en uitleg over floreio, maar deze versie hou ik voor mezelf aan.
Ook de toepassingen verschillen per groep:
In de tijd van Mestre Bimba werd op Iúna vroeger vaak de Cintura Desprezada gedaan terwijl veel groepen vandaag de dag dit sporadisch doen tijdens een roda met Iúna.
Axé,
Rouxinol
kijk zie nu hebben we WEER eens iets bijgeleerd.
Ik dacht dat die spectaculaire floreio door o.a. Mestre Bimba waren geïntroduceerd omwille van het krijgskunst aspect.
je merkt als beginnend capoeirist wel snel dat die floreio niet enkel voor de show bestaan. ik vind het nog altijd een van de beste manieren om de spieren te trainen die nodig zijn in capoeira…
Ik vind jouw uitleg met het verschil tussen floreios en acrobatie wel heel duidelijk. Ik ga dat verschil ook gebruiken vanaf nu.
Bedankt voor een alweer heldere toelichting Rouxinol!
Wow, Heel goede verklaring rouxinol! Dank je!
Ik wil wel nog iets zeggen – voral voor die mensen die net begonnen hebben capoeira te leren: Het is belangrijk te weten dat ‘t gebruiken van floreios binnen de spel moeilijk is te leren en veel afhangt van jouw ervaring . De meer je spelt en traineert de makkelijker wordt ‘t te herkennen wanner je iemand met n bananeira kan lokken, bijvoorbeeld. Dat betekent dat je alleen geduld nodig hebt. Iederen die t wil wordt het leren.
@ Serinho
De Cintura Desprezada die in de Academie van Mestre Bimba aangeleerd werden, zijn ontstaan uit het verlangen te ontsnappen aan bepaalde worpen of grepen.
Zodat men als men geprojecteerd wordt door een ander, toch goed landt door je eventueel af te zetten op het lichaam van de ander en de juiste kant op te draaien/springen.
Mestre Onça Tigre, een ex-leerling van Mestre Bimba die vorig jaar helaas is overleden, heeft een groot aandeel gehad in de ontwikkeling van deze Cintura Desprezada.
Later hebben mensen er een paar bewegingen bij verzonnen (salto’s) die niet bij de oorspronkelijke reeks van de Cintura Desprezada hoorden.
Deze bewegingen van de Cintura Desprezada worden ook wel Bolão genoemd.
Ook Capoeira Angola heeft Bolão, zij het andere dan Regional. Maar weinig mensen van de oude garde kennen/doen deze bewegingen. Toen Mestre João Grande in België was dit jaar heeft hij er een paar uitgelegd.
Ook was luchtacrobatie in de roda in de tijd van Mestre Bimba vrijwel niet aanwezig. En dan heb ik het niet over een gesprongen trap maar dingen als arabier salto enz.
Mestre Bimba uitte zelf ook kritiek op enkel acrobatie, wat voor hem meer thuis hoorde in een circus en niet in de roda.
De naam Capoeira Regional t.o.v. Capoeira Angola en Capoeira Contemporanea is ook een heel geval apart binnen de capoeira wereld omdat de classificering daarvan vaak niet eenduidig is, maar dat is een ander verhaal…
Zo’n uitleg geeft mij kriebels van enthousiasme en nieuwsgierigheid
Rouxinol je geeft ons weer een geweldige uitleg.
Ik ga zeker is op zoek naar wat ik kan vinden over Bolão bij capoeira Angola, daar wil ik alles over te weten komen.
@ Calango
Op deze link zie je een stukje ervan na 14 seconden:
http://video.google.com/videoplay?docid=-3948119324615878408&ei=xJexSJDkFY7qigLI7MH-DA&q=mestre+pastinha
Verder kan ik nog vermelden dat de voorwaards gesprongen handstandoverslag soms wordt toegepast
in uiteenlopende situaties (bij de bolão)
Axé,
Rouxinol
als ik naar mijn eigen capoeira “loopbaan” kijk ben ik helemaal vernaderd in hoe ik floreios zie en waarom ik ze deed. toen ik net met capoeira begon trainde ik ze veel want ik vond die dinge geweldig om naar te kijke. en wilde ze natuurlijk ook kunne.
een paar jaar later doen ik fanatiek veel ging traine me gafanhoto en purum was het heerlijk om kunnen af te wisslene tusse spelen en floreios… had ik geen zin in spelen dan maar wat acrobatisch ligge zijn en omgekeerd (ik moet eerlijk toegeven da et toen wel een pak makkelijker was om ze te leren ik heb toen envergado geleerd in 2-3 dage en nu kan ik em ni echt meer… )
en nu hou ik mij eigelijk ni zoveel meer bezig me foreios. er zijn wel een paar dingen die ik terug wil kunnnen (envergado, parafuseta en salto schroef) ik ben vooral bezig me spelen nu en mijn floreios een beetje nuttig in te werke in mijn spel.
de lange shizzle int kort
)
floreiso traine is wel nuttig omda ge er coordinatie en wa kracht mee kweekt en et zorgt voor wa afwisseling. ik ben ne voorstander. maar ben er ni zo veel meer mee bezig
amai, idd interessante uitleg over floreios, had het zo nog niet bekeken..
vind het ook wel moeilijk om floreios mee in je spel te verwerken; meestal hou ik het dan alleen maar bij aú omdat die echt vanzelf gaat en bij anderen moet ik nog veel te hard nadenken hoe ze te gebruiken.
conclusie? Nog veeeeeeel oefenen, joepie!